Je staat op het veld, de auto is na de wedstrijd van gisteren leeggeruimd en de materiaaltas ontbreekt. Of het is je eerste seizoen als O11-trainer en je hebt nog geen eigen verzameling pionnen. Of je valt in als ouder en de trainer heeft gezegd: "Doe jij even 15 minuten warming-up." In alle drie de gevallen heb je oefeningen nodig die het zonder materiaal redden.
Dit artikel geeft je zes concrete opwarmoefeningen voor O11 die werken zonder pionnen, stokken, hesjes of coördinatieladders. Drie oefeningen zonder bal, drie met bal, plus een plan van 15 minuten dat je langs de lijn uit je hoofd kent.
U11 Warm-up Without Equipment – Checklist15-minute plan for coaches and parent helpersPDF downloadenWanneer je zonder materiaal opwarmt
Drie situaties komen in het O11-seizoen steeds terug:
- De eerste training van het seizoen. Je hebt het team net overgenomen en je materiaaltas is nog in opbouw. De pionnen komen volgende week.
- De uitwedstrijd met een halfleeg autootje. Tas in het clubhuis, speellocatie 40 minuten rijden, aftrap over 30 minuten.
- Het wisselende veld. Hoofdveld gesloten, jullie trainen op het schoolplein of langs het veld van de O19, en officieel mag hier niets worden neergezet.
Het goede nieuws: O11-spelers — die 8 tegen 8 spelen op bijna half veld, 42,5 bij 64 meter — hebben geen profmateriaal nodig. Wat ze nodig hebben, is beweging, plezier en lichte prikkels voor het hoofd. Dat lukt met schoenen, T-shirts en een paar ballen net zo goed als met de volle tas.
Wat een O11-warming-up echt moet leveren
Een goede warming-up voor 10- en 11-jarigen heeft drie taken. Ken je die drie, dan kun je elke willekeurige oefening beoordelen op de vraag of hij past.
Mobiliseren. Gewrichten en spieren op bedrijfstemperatuur brengen. Bij O11 gaat dat bijna vanzelf via beweging; je hoeft de kinderen niet actief te laten rekken.
Activeren. Hartslag omhoog, ademhaling dieper, spieren aan het werk. Korte, intensieve blokken met korte pauzes werken beter dan lang duurlopen. De aandacht van een O11-speler houdt 60 seconden vollegas vol, daarna zakt de concentratie. Wil je de looptechniek gericht scholen, dan vind je de basis in het artikel over loopscholing voor voetballers. De kracht voor de eerste meters bouw je op met gericht sprongkrachttraining.
Hoofd. Reactie, keuzes en spelinzicht wakker maken. Dat is het deel dat het vaakst wordt vergeten. Is je warming-up alleen maar lopen, dan zijn de kinderen lichamelijk warm maar in gedachten nog op school. Een oefening met een reactie op een commando of op een medespeler doet hier wonderen.
Wat er verder niet in hoort: lange stilstand en lange uitleg van ingewikkelde regels. Duurt de uitleg langer dan de oefening, dan is het de verkeerde oefening.
Drie oefeningen zonder bal
Schaduwlopen in tweetallen
Twee spelers staan op twee meter afstand tegenover elkaar. Speler A beweegt losjes op de plaats, met richtingveranderingen, hurken, springen en draaien. Speler B doet alles spiegelbeeldig na. Na 60 seconden wisselen.
Wat je bespaart: je hebt geen pionnen voor een veld nodig, de spelers blijven binnen twee meter. Wat je wint: mobiliteit in de gewrichten, lichte activatie, plus een reactiecomponent, want B weet nooit wat A hierna gaat doen.
Variatie: speler A mag niet praten en moet alleen met bewegingen leiden. Dat scherpt het kijken en het vooruitdenken aan.
Commandospel
Alle spelers verdelen zich over een ruw afgebakend gebied (desnoods: vier schoenen of T-shirts in de hoeken). Jij roept commando's: "links", "rechts", "sprint", "achteruit", "op de grond", "omhoog springen". De spelers reageren zo snel als ze kunnen.
Wat je bespaart: pionnen en stokken. Wat je wint: tegelijk activatie (tempo) en hoofdwerk (reageren op wisselende prikkels).
Variatie: draai twee commando's om ("links" betekent rechts, "sprint" betekent langzaam). Daarmee gaat het hoofd volledig aan.
Tikkertje in het vierkant
Markeer een veld van ongeveer 10 bij 10 meter met alles wat je vindt: schoenen, T-shirts, bidons, of een lijn die al in het gras ligt. Eén speler is de tikker, de rest loopt in het vierkant. Wie getikt wordt, neemt over. Elke 30 seconden wisselen, zodat niet steeds hetzelfde kind aan het tikken is.
Wat je bespaart: alles. Wat je wint: maximale activatie, veel plezier, en en passant schijnbewegingen, richtingveranderingen en tempowisselingen.
Variatie: twee tikkers tegelijk. De intensiteit verdubbelt zonder dat jij iets anders hoeft te doen.
Drie oefeningen met bal
Passen in wandeltempo
In tweetallen, ongeveer vijf meter uit elkaar. Beide spelers lopen langzaam in dezelfde richting over het veld en spelen de bal naar elkaar. Eerste balcontact netjes, tweede contact is de pass. Na een minuut het tempo opvoeren naar rustig joggen.
Klinkt banaal, maar bij O11 is dit de belangrijkste opwarmoefening met bal: lage intensiteit, veel herhalingen van het eerste balcontact. Spelers die onder druk staan, nemen de bal slecht aan. Hier oefenen ze dat helemaal zonder druk.
Variatie voor meer hoofdwerk: vóór elke pass moet de ontvanger eerst over de schouder kijken. Klein detail, maar op lange termijn vormend.
1 tegen 1 naar de lijn
Twee spelers, één bal, vijf tot acht meter afstand. Een lijn als doel, en dat mag een veldlijn zijn, een rij schoenen of gewoon "dat bankje daar". Speler A start met de bal en moet die langs speler B over de lijn dragen. Speler B verdedigt. Eén actie, dan wisselen.
Wat je bespaart: geen doeltjes, geen uitgezette pionnen. Wat je wint: activatie in het duel, het afschermen van de bal, startsnelheid, plus keuzes in de duelsituatie (wanneer schuif ik hem langs, wanneer ga ik eromheen).
Variatie: met twee ballen. Beide spelers dribbelen en beiden proberen over de lijn van de ander te komen. Volle chaos, veel plezier, dubbele activiteit.
Tikkertje met bal
Zoals tikkertje in het vierkant, maar dan heeft iedere speler een bal aan de voet. Eén of twee tikkers, de rest loopt. De clou: wie zijn bal kwijtraakt, wordt automatisch tikker.
Wat je wint: de kinderen lopen onder druk, houden de bal in stressvolle situaties aan de voet en letten tegelijk op medespelers, tikkers en hun eigen bal. Eén oefening, drie prikkels.
Beheerst het team deze vorm goed, dan kun je richting rondovarianten gaan. De opwarmvarianten met rondo zijn de logische volgende stap voor oudere of verder gevorderde O11-teams.
Volgorde: een plan van 15 minuten
Wil je de warming-up echt uit je hoofd leiden, dan heb je niet alle zes de oefeningen nodig, maar één compacte volgorde. Dit is de eenvoudigste, die werkt ongeacht de dagvorm en het veld:
- 0 tot 5 minuten, mobiliseren: schaduwlopen in tweetallen (3 min) en commandospel (2 min)
- 5 tot 10 minuten, activeren: tikkertje in het vierkant of tikkertje met bal, afhankelijk van of er genoeg ballen voor iedereen zijn
- 10 tot 15 minuten, balwerk: passen in wandeltempo (3 min), daarna 1 tegen 1 naar de lijn (2 min)
Warming-up van 15 minuten zonder materiaal
Drie fases van mobiliseren naar activeren naar balwerk, alle inspanningsblokken blijven onder 60 seconden vollegas.
Richtlijnen van de Duitse bond (DFB-trainersopleiding): blokken van 60 seconden vollegas als standaard voor het opwarmen bij O11 vóór wedstrijdbelasting; de KNVB publiceert hier geen eigen getal voor.
Drie oefeningen zonder bal aan het begin, drie met bal aan het eind. Opbouw van mobiliteit naar intensiteit naar wedstrijdechtheid. Heb je zin in varianten voor andere trainingsfases, lees dan het artikel over trainen in een kleine ruimte. Daar vind je oefeningen die net zo materiaalarm zijn, maar geschikt voor de hoofdfase. Voor gerichte dribbeloefeningen direct na de warming-up is het artikel over dribbeloefeningen voor O9, O10 en O11 de logische aansluiting. Wil je de warming-up meteen laten overlopen in een hoofdfase met 3 tegen 3 of 5 tegen 5, dan staan in de Funino-trainersgids acht passende spelvormen klaar.
Is je team zover, dan zet je in vijf minuten een intern minitoernooi op: drie velden met 4 tegen 4, korte speeltijden, gemengde teams.
Mijn eerste interne minitoernooi in vijf minuten opzettenGratis en zonder registratieChecklist om te downloaden
De zes oefeningen plus het plan van 15 minuten als printbare pdf. Gemaakt voor trainers zonder materiaaltas en voor ouders die op het laatste moment moeten invallen.
U11 Warm-up Without Equipment – Checklist15-minute plan for coaches and parent helpersPDF downloadenBronnen
- DFB (Duitse voetbalbond): Kinderfußball — Leitfaden für die Implementierung neuer Wettbewerbsformen in den Altersklassen U6–U11, versie 09/2024. Speeltijdvensters en bewegingsduur voor de Duitse U11 als basis voor de regel van 60 seconden; de KNVB publiceert hier geen eigen getal voor.
- Behm, D. G. & Chaouachi, A. (2011): A review of the acute effects of static and dynamic stretching on performance. European Journal of Applied Physiology 111. Bewijs dat statisch rekken vóór sportieve belasting de prestatie op korte termijn kan verlagen; dynamisch mobiliseren is het bij deze leeftijd passende alternatief.
- Memmert, D. (2011): Sportspiel-Vermittlung. Hofmann-Verlag. De cognitieve component (reactie, keuzes) in de warming-up om het spelinzicht te activeren.



